Kenmerken

Het lijkt evolutionair niet helemaal logisch waarom sommige slakken zich zonder bescherming, zonder huisje verplaatsen en leven. Je zou kunnen denken dat een naaktslak een nog niet geëvolueerd restant is van de huisjesslak, maar toch zit er meer achter. De wetenschap is er namelijk achter gekomen dat de overgang van huisjesslak naar naaktslak al twaalf keer is gebeurd. Er moeten dus redenen zijn waarom naaktslakken blijven bestaan. 

Op zich is de scheidingslijn tussen beide, tussen de naaktslakken en de huisjesslakken ook niet zo zwart-wit te trekken. We zien zelfs bij de meeste naaktslakken nog restanten van een huisje op hun lichaam. Er zijn zelfs zoals de Daudebardia brevipes die nog een veel te klein huisje met zich meedragen.
Dan blijft de vraag dus waarom naaktslakken geen huisje hebben, want zo een huisje biedt toch veel bescherming tegen droogte en predatoren. Vooral verstoppen tegen droogte en het huisje afsluiten is vrij makkelijk, tegen predatoren bieden huisjes vaak weinig weerstand. En investeren in een huisje vraagt toch best veel van de slak zelf. Naaktslakken zijn dus niet afhankelijk van de aanwezigheid of opname van kalk, en kunnen zich ook tijdens droogte makkelijker verstoppen onder bladeren, schors of de grond.

Slakken kunnen op zeer korte tijd, soms zelfs in één generatie evolutionair veranderen. Zo kunnen huisjesslakken afhankelijk van de omgeving  zeer snel de keur van hun huisje laten veranderen.

Leefwijze

Predatie

  • egel
  • vogels
  • spitsmuizen
  • kikkers
  • padden
  • ...

Voortplanting

De naaktslak leeft erg kwetsbaar, er moet dus een reden zien waarom ze we toch erg vaak zien, ondanks de beperkte overlevingskansen. De meeste slakken worden geen jaar oud, maar produceren wel 500 eitjes. Er moet dus binnen de populatie al veel fout lopen om ze te beperken.